Art. 45 Verordening (EEG) nr. 337/79

Verordening (EEG) nr. 337/79

1. Het gehalte aan vluchtige zuren mag niet hoger zijn dan :

- 18 milli-equivalenten voor gedeeltelijk gegiste druivemost ,

- 18 milli-equivalenten voor witte wijn en roséwijn ,

- 20 milli-equivalenten voor rode wijn .

2. De in lid 1 bedoelde gehalten gelden :

- voor produkten die afkomstig zijn uit in de Gemeenschap geoogste druiven , in het produktiestadium en in alle stadia van het in de handel brengen ,

- voor gedeeltelijk gegiste druivemost en wijn van oorsprong uit derde landen in alle stadia vanaf binnenkomst op het geografisch grondgebied van de Gemeenschap .

3. Er kan worden voorzien in afwijkingen van het bepaalde in lid 1 voor

a) bepaalde v.q.p.r.d . en bepaalde tafelwijnen die overeenkomstig artikel 54 , lid 2 , worden aangeduid , wanneer deze

- een verouderingsperiode van ten minste twee jaar hebben doorgemaakt of

- volgens bijzondere methoden zijn bereid ;

b) wijn met een totaal alcohol-volumegehalte van ten minste 13 % vol .

4. De uitvoeringsbepalingen van dit artikel en met name de in lid 3 bedoelde afwijkingen worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 67 .

Vorige artikelen

Volgende artikelen