Art. 19 Verordening (EEG) nr. 1035/72
1. Indien voor een bepaald produkt en voor een van de in artikel 17 , lid 2 , bedoelde representatieve markten de overeenkomstig lid 1 van genoemd artikel aan de Commissie medegedeelde prijzen gedurende drie opeenvolgende marktdagen lager blijven dan de aankoopprijs , constateert de Commissie onverwijld dat de markt van het betrokken produkt een ernstige crisis doormaakt .
2. Dadelijk na deze constatering verzekeren de Lid-Staten door middel van de instanties of van de natuurlijke personen of rechtspersonen welke zij hiertoe hebben aangewezen , de aankoop van de hun aangeboden produkten van oorsprong uit de Gemeenschap , voor zover deze voldoen aan de in de kwaliteitsnormen gestelde eisen inzake kwaliteit en sortering naar grootte , en voor zover zij niet overeenkomstig artikel 15 , lid 1 , uit de markt zijn genomen .
Deze produkten worden aangekocht :
- tegen de aankoopprijs , waarop de aanpassingscoëfficiënt voor kwaliteitsklasse " II " en in voorkomend geval andere aanpassingscoëfficiënten zijn toegepast , voor zover zij voldoen aan de eisen inzake kwaliteit en sortering naar grootte , welke in de kwaliteitsnormen voor deze kwaliteitsklasse of voor de hogere kwaliteitsklassen zijn gesteld ;
- tegen de aankoopprijs , waarop de aanpassingscoëfficiënt voor kwaliteitsklasse " III " en in voorkomend geval andere aanpassingscoëfficiënten zijn toegepast , voor zover zij voldoen aan de eisen inzake kwaliteit en sortering naar grootte welke in de kwaliteitsnormen voor deze kwaliteitsklasse zijn gesteld .
3. De aankooptransacties worden geschorst zodra de prijzen gedurende drie opeenvolgende marktdagen hoger dan de aankoopprijs blijven ; de Commissie constateert onverwijld dat deze voorwaarde is vervuld .
4. Van de in lid 2 gestelde verplichting kunnen die Lid-Staten worden vrijgesteld , die bij de nakoming van deze verplichting op ernstige moeilijkheden stuiten . Zij stellen de Commissie in kennis van het bestaan van deze moeilijkheden ten einde van de vrijstelling gebruik te maken .
De Lid-Staten die van deze vrijstelling gebruik maken , treffen alle maatregelen , nodig om telersverenigingen op te richten die in het kader van artikel 15 op de markt interveniëren .
5. De Commissie brengt uiterlijk 1 mei 1971 aan de Raad verslag uit over de bij de tenuitvoerlegging van de interventieregeling verkregen resultaten , met name over de omvang van de produktie waarop de interventiemaatregelen van de telersverenigingen betrekking hebben .
De maatregelen die noodzakelijk blijken om een uniforme interventieregeling tot stand te brengen , worden door de Raad op voorstel van de Commissie volgens de stemprocedure van artikel 43 , lid 2 , van het Verdrag , vastgesteld .