Conclusie A-G Spronken 1 oktober 2019, ECLI:NL:PHR:2019:968

Conclusie AG. Geavanceerde grootschalige vorm van "skimmen" en betaalpasfraude door middel van gemanipuleerde e-dentifiers waarmee rekeningnummers en pincodes zijn onderschept met welke gegevens valse betaalkaarten zijn vervaardigd die wereldwijd zijn gebruikt om grote sommen geld te pinnen. In cassatie gaat het om 1. de vraag of de rb Rotterdam in eerste aanleg bevoegd was (art. 2 en art. 6 Sv): 2. de ontvankelijkheid van het OM wegens beweerde misleiding van de rb Leeuwarden; 3. de ontvankelijkheid van het OM wegens schending van het vertrouwensbeginsel; 4. de vraag of de gemanipuleerde e-dentifiers kunnen worden aangemerkt als geautomatiseerd werk en of er sprake is geweest van het aftappen en opnemen in de zin van art. 139c en 139d Sr; 5. of bewezen kan worden verklaard dat de verdachte het vervaardigen van een technisch hulpmiddel in de zin van art. 139d Sr heeft medegepleegd; 6. de hoofdelijke toewijzing van de vordering van de benadeelde partij ten bedrage van € 1.133.796,86; 7. de schending van de redelijke termijn in de cassatiefase. Uitvoerige bespreking van de wetsgeschiedenis van art. 139c en 139d Sr. Het advies van de AG aan de Hoge Raad is dat het vierde middel gegrond is en de overige middelen afgezien van de schending van de redelijke termijn, kunnen worden verworpen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken