HR 17 december 2019, ECLI:NL:HR:2019:1973
Aftappen van gegevens overgedragen via geautomatiseerd werk (art. 139c Sr) en vervaardigen van een technisch hulpmiddel waarmee gegevens kunnen worden afgetapt en overgedragen via geautomatiseerd werk (art. 139d Sr). Grootschalige vorm van skimmen en betaalpasfraude door bankpasgegevens van klanten af te tappen door gemanipuleerde e.dentifiers in bankshops van een bank te plaatsen waarmee vervolgens valse betaalpassen zijn vervaardigd en waarna met die valse betaalpassen in totaal meer dan € 1 miljoen contant is opgenomen. Ad 1. Kan een gemanipuleerde identificatiekaartlezer (e.dentifier) worden aangemerkt als ‘geautomatiseerd werk’ a.b.i. art. 80sexies, art. 139c en art. 139d Sr? Ad 2. Is sprake van ‘aftappen’ en ‘opnemen’ in de zin van art. 139c Sr? Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:BY9718 m.b.t. geautomatiseerd werk a.b.i. art. 80sexies Sr. Een inrichting kan alleen als ‘geautomatiseerd werk’ worden aangemerkt indien zij geschikt is om drie functies te vervullen, te weten opslag, verwerking en overdracht van gegevens. Dat begrip ‘geautomatiseerd werk’ is echter niet beperkt tot apparaten die zelfstandig aan deze drievoudige eis voldoen. Daaronder vallen ook netwerken bestaande uit computers en/of telecommunicatievoorzieningen, evenals delen van zulke geautomatiseerde werken. ’s Hofs oordeel dat verdachte en zijn mededaders handelingen hebben verricht m.b.t. gegevens die werden verwerkt of overgedragen d.m.v. een ‘geautomatiseerd werk’, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Mede d.m.v. de identificatiekaartlezers, die authenticatie en uitwisseling van mede op rekeninggegevens en pincodes gebaseerde (challenge- en response)cijfercodes met het Internet Bankieren-systeem van de bank mogelijk maakten t.b.v. digitale bancaire transacties en die daarmee deel uitmaakten van dat systeem, vond immers opslag, verwerking en overdracht van o.m. identificerende gegevens plaats als onderdeel van die transacties. Dat oordeel is ook niet onbegrijpelijk en, mede i.h.l.v. wat namens verdachte is aangevoerd, toereikend gemotiveerd. V.z. middel hierover klaagt, faalt het. Ad 2. Uit de wetsgeschiedenis volgt dat in art. 139c Sr opgenomen termen ‘aftapt’ en ‘opneemt’ zien op het onderscheppen en vastleggen van stromende gegevens, d.w.z. gegevens die in een proces zijn van verwerking en overdracht. Het vastleggen van opgeslagen gegevens valt niet aan te merken als aftappen of opnemen in de zin van art. 139c Sr, maar als het ‘overnemen’ van gegevens. Hof heeft geoordeeld dat verdachte en zijn mededaders gegevens hebben “afgetapt en opgenomen” doordat binnen het digitale proces van Internet Bankieren actief werd ingegrepen op het vraag- en antwoordspel van de identificatiekaartlezer waarbij door de gemodificeerde chip rekeninggegevens werden opgevraagd die in reactie daarop werden overgedragen door de chip in de bankpas alsmede de bij dat vraag- en antwoordspel door de gebruiker ingetoetste PIN werd onderschept. Dat oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is – i.h.l.v. gebezigde bewijsvoering en gelet op wat namens verdachte is aangevoerd – ook niet onbegrijpelijk. Daaraan doet niet af de enkele omstandigheid dat tijdens het voornoemde proces een of meer digitale verwerkingen plaatsvonden die separaat beschouwd ook als het ‘overnemen’ van de gegevens zouden kunnen worden aangemerkt. Ook v.z. middel hierover klaagt, faalt het. Volgt verwerping. CAG: anders. Samenhang met 18/00511 en 18/04012.
De uitspraak op rechtspraak.nl