Art. 8.5.5 Wetboek van Strafvordering

Wetboek van Strafvordering

1. Het Europees onderzoeksbevel wordt opgesteld overeenkomstig het formulier opgenomen in bijlage A bij Richtlijn 2014/41/EU.

2. Het bevel bevat ten minste de volgende informatie:

a. gegevens over de uitvaardigende autoriteit;

b. het onderwerp en de redenen van het bevel;

c. de beschikbare noodzakelijke informatie over de betrokkene(n);

d. een beschrijving van het strafbare feit dat het voorwerp vormt van het onderzoek of de strafzaak, alsmede de wettelijke kwalificatie van het feit naar Nederlands recht;

e. een beschrijving van de gevraagde bevoegdheid en het te verkrijgen bewijsmateriaal.

3. De uitvaardigende autoriteit kan in het bevel formaliteiten en procedures opnemen die de autoriteiten van de uitvoerende lidstaat bij de uitvoering van het bevel zo veel mogelijk in acht nemen. Dit kan mede omvatten het verzoek om bij de uitvoering van het bevel aanwezig te zijn.

4. Indien een bevel wordt uitgevaardigd ter aanvulling van een eerder bevel, wordt dit vermeld in onderdeel D van bijlage A. Artikel 8.5.4, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.

5. De uitvaardigende autoriteit vertaalt de ingevulde formulieren opgenomen in bijlage A en bijlage C bij Richtlijn 2014/41/EU in een officiële taal van de uitvoerende lidstaat of in een andere, door de uitvoerende lidstaat met inachtneming van artikel 5, tweede lid, van Richtlijn 2014/41/EU aangegeven taal.

Verwijst naar

Artikelen die hiernaar verwijzen

Toelichting

Vorige artikelen

Volgende artikelen