Art. 7.3.6 Wetboek van Strafvordering
1. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over het bepaalde in deze titel.
2. De nadere regels die worden gesteld over strafonderbreking hebben in ieder geval betrekking op de voorwaarden voor strafonderbreking, de bevoegdheid tot en de wijze van verlening van strafonderbreking, en de voorwaarden die kunnen worden verbonden aan de strafonderbreking.
3. De nadere regels die worden gesteld over de beoordelingen, bedoeld in artikel 7.3.5, tweede lid, hebben in ieder geval betrekking op de frequentie van de beoordelingen, op de te volgen procedure, waaronder de advisering door gedragsdeskundigen, en op de wijze waarop de beoordelingen plaatsvinden.