Art. 20 SOLAS, Reisgegevensrecorder

Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974 (SOLAS)

1 Schepen op internationale reizen moeten, onverminderd de bepalingen van voorschrift 1.4, ten behoeve van onderzoek naar ongevallen als volgt met een reisgegevensrecorder (VDR) zijn uitgerust:

.1 passagiersschepen gebouwd op of na 1 juli 2002;

.2 ro-ro-passagiersschepen gebouwd vóór 1 juli 2002, uiterlijk bij het eerste onderzoek op of na 1 juli 2002;

.3 passagiersschepen, anders dan ro-ro-passagiersschepen gebouwd vóór 1 juli 2002, uiterlijk op 1 januari 2004; en

.4 schepen, anders dan passagiersschepen, met een brutotonnage van 3000 ton of meer gebouwd op of na 1 juli 2002.

2 Ten behoeve van bijstand bij ongevallenonderzoek moeten vrachtschepen, wanneer deze internationale reizen maken, als volgt zijn uitgerust met een reisgegevensrecorder (VDR), die een vereenvoudigde reisgegevensrecorder (S-VDR) mag zijn:

.1 bij vrachtschepen met een brutotonnage van 20.000 of meer, gebouwd vóór 1 juli 2002, bij de eerstvolgende geplande droogzetting in een dok na 1 juli 2006, maar uiterlijk op 1 juli 2009;

.2 bij vrachtschepen met een brutotonnage van 3000 of meer, maar minder dan 20.000 GT, gebouwd vóór 1 juli 2002, bij de eerstvolgende geplande droogzetting in een dok na 1 juli 2007, maar uiterlijk op 1 juli 2010; en

.3 de Administraties kunnen vrachtschepen van de in de subparagrafen .1 en .2 vervatte eisen vrijstellen wanneer deze schepen binnen twee jaar na de in de bovengenoemde subparagrafen .1 en .2 bedoelde uitvoeringsdatum voorgoed uit de vaart zullen worden genomen.

3 Administraties mogen schepen, anders dan ro-ro-passagiersschepen, gebouwd vóór 1 juli 2002 vrijstellen van de installatie van een VDR wanneer kan worden aangetoond dat het aansluiten van een VDR op de bestaande apparatuur op het schip onredelijk of onuitvoerbaar is.

Verwijst naar

Artikelen die hiernaar verwijzen

Vorige artikelen

Volgende artikelen