Art. 7 Europees Verdrag inzake nationaliteit, Verlies van nationaliteit van rechtswege of op initiatief van een Staat die Partij is
Europees Verdrag inzake nationaliteit
1. Een Staat die Partij is, mag in zijn nationale wetgeving niet voorzien in het verlies van zijn nationaliteit van rechtswege of op initiatief van de Staat die Partij is, behoudens in de volgende gevallen:
a. vrijwillige verkrijging van een andere nationaliteit;
b. verkrijging van de nationaliteit van de Staat die Partij is, door middel van aan de aanvrager toe te schrijven bedrieglijk gedrag, valse informatie of verzwijging van enig relevant feit;
c. het vrijwillig in vreemde krijgsdienst treden;
d. gedrag dat de essentiële belangen van de Staat die Partij is, ernstig schaadt;
e. het ontbreken van een effectieve band tussen de Staat die Partij is, en een onderdaan die zijn gewone verblijf in het buitenland heeft;
f. wanneer tijdens de minderjarigheid van een kind wordt vastgesteld dat niet meer wordt voldaan aan de in de nationale wetgeving vastgestelde voorwaarden die hebben geleid tot de verkrijging van rechtswege van de nationaliteit van de Staat die Partij is;
g. adoptie van een kind indien het kind de buitenlandse nationaliteit van een of beide adoptiefouders verkrijgt of bezit.
2. Een Staat die Partij is, kan voorzien in het verlies van zijn nationaliteit door kinderen wier ouders die nationaliteit verliezen, behoudens in gevallen als bedoeld in letters c en d van het eerste lid. De kinderen verliezen die nationaliteit echter niet indien een van beide ouders deze behoudt.
3. Een Staat die Partij is, mag in zijn nationale wetgeving niet voorzien in het verlies van zijn nationaliteit ingevolge het eerste en tweede lid van dit artikel indien de betrokken persoon daardoor staatloos zou worden, behoudens in de gevallen genoemd in het eerste lid, letter b, van dit artikel.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 30 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:3045
- ABRvS 30 april 2021, ECLI:NL:RVS:2021:926
- ABRvS 19 april 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1098
- ABRvS 31 mei 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2093
- ABRvS 17 mei 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1938
- ABRvS 5 oktober 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2861
- Rb. Den Haag 14 april 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:4396
- Rb. Den Haag 14 april 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:5784
- Rb. Den Haag 16 september 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:9682
- ABRvS 7 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2719
- Rb. Den Haag 14 april 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:4397
- ABRvS 31 mei 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2094
- ABRvS 18 augustus 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AQ7002
- ABRvS 13 april 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1080
- ABRvS 30 april 2021, ECLI:NL:RVS:2021:938
- ABRvS 25 augustus 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AQ7486
- Rb. Den Haag 14 april 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:5779
- ABRvS 25 augustus 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AQ7463
- Rb. Limburg 28 mei 2021, ECLI:NL:RBLIM:2021:4336
- Rb. Gelderland 21 mei 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:3993