Rb. Den Haag 16 september 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:9682

De intrekking van het Nederlanderschap van een persoon met een tweede nationaliteit na veroordeling door de strafrechter wegens het plegen van meerdere terroristische misdrijven (Syrië) is geen maatregel in strijd met verbod van discriminatie. Die maatregel kan iedere persoon met een dubbele nationaliteit treffen die voor deze misdrijven is veroordeeld. Het is de uitdrukkelijke keuze van de wetgever geweest dat na een onherroepelijke veroordeling wegens terroristische misdrijven het Nederlanderschap wordt ingetrokken, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden. De intrekking hoefde in dit geval niet vanwege bijzondere omstandigheden achterwege te blijven.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken