Art. 18 UBIB 2001, Waardering; waardering genotsrechten
Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 (UBIB 2001)
1. De waarde van een genotsrecht als bedoeld in artikel 5.22, derde lid, van de wet wordt gesteld op het overeenkomstig artikel 19 tot kapitaal gebrachte bedrag van de jaarlijkse voordelen uit de gerechtigdheid.
2. Voor de toepassing van het eerste lid worden de jaarlijkse voordelen gesteld op 4% van de waarde van hetgeen aan het genotsrecht is onderworpen, naar het tijdstip waarop de waardering van het genotsrecht plaatsvindt.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 29 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA8048
- Hof Arnhem-Leeuwarden 7 november 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:9607
- Rb. Haarlem 14 april 2008, ECLI:NL:RBHAA:2008:BC9810
- Rb. Breda 11 september 2006, ECLI:NL:RBBRE:2006:AZ1575
- Conclusie A-G OVERGAAUW 26 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AY5991
- Hof 's-Hertogenbosch 8 januari 2008, ECLI:NL:GHSHE:2008:BC2772
- Hof 's-Hertogenbosch 23 november 2006, ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ8735
- Hof 's-Hertogenbosch 22 maart 2005, ECLI:NL:GHSHE:2005:AT5854
- Hof Arnhem 22 november 2011, ECLI:NL:GHARN:2011:BU6645
- Hof Arnhem 28 juli 2009, ECLI:NL:GHARN:2009:BJ6893
- Hof Arnhem 29 juli 2009, ECLI:NL:GHARN:2009:BJ6888
- Hof Arnhem 8 juli 2005, ECLI:NL:GHARN:2005:AU1967