Art. 86 VW, Hoger beroep
1. In afwijking van artikel 8:41, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedraagt de termijn binnen welke de bijschrijving of storting van het verschuldigde bedrag dient plaats te vinden, twee weken. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State kan een kortere termijn stellen.
2. In afwijking van artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt door de secretaris geen griffierecht geheven, indien hoger beroep wordt ingesteld tegen een uitspraak die is gedaan met toepassing van afdeling 3 van dit hoofdstuk.
3. In afwijking van artikel 8:82 van de Algemene wet bestuursrecht wordt door de secretaris geen griffierecht geheven voor een verzoek om voorlopige voorziening indien hoger beroep wordt ingesteld tegen een uitspraak die is gedaan met toepassing van afdeling 3 van dit hoofdstuk.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 6 maart 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ4443
- ABRvS 25 juli 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR3852
- Conclusie A-G IJzerman 26 juli 2013, ECLI:NL:PHR:2013:643
- ABRvS 4 juli 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR1257
- ABRvS 1 juli 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4812
- ABRvS 24 mei 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1693
- ABRvS 18 maart 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ5216
- ABRvS 26 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:139
- ABRvS 1 augustus 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BE2718
- ABRvS 4 februari 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BC8402
- Rb. 's-Gravenhage 30 maart 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ0039
- Conclusie A-G IJzerman 26 juli 2013, ECLI:NL:PHR:2013:642