ABRvS 25 juli 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR3852

Niet voldoen van griffierecht terzake van hoger beroep leidt tot niet-ontvankelijk verklaring van 6:19 beroep Zoals volgt uit de uitspraak van de Afdeling van 14 mei 2008 in zaak nr. 200706007/1 (www.raadvanstate.nl) doet de omstandigheid dat het hoger beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard er niet aan af dat ingevolge het bepaalde in artikel 6:19, eerste lid, gelezen in samenhang met artikel 6:24 van de Awb, van rechtswege een beroep tegen het besluit van 4 april 2011 is gericht. De ratio van de regeling inzake het bezwaar of beroep van rechtswege brengt met zich dat niet-ontvankelijkheid van het oorspronkelijke rechtsmiddel niet de niet-ontvankelijkheid impliceert van het bezwaar of beroep van rechtswege. De ontvankelijkheid daarvan moet afzonderlijk worden beoordeeld. Een ontvankelijkheidsgebrek aan het hoger beroep werkt slechts door voor zover het gebrek zich naar zijn aard ook tot het bezwaar of beroep van rechtswege uitstrekt. Daarvan is in dit geval sprake, zoals ook de Centrale Raad van Beroep met betrekking tot een soortgelijke situatie heeft overwogen in zijn uitspraak van 10 januari 2011, (LJN: BP0687). Het niet verschoonbaar niet of niet tijdig storten van griffierecht is immers uitsluitend gerelateerd aan het inroepen van rechtsbescherming.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen