Art. 2 Ur AWR, Verzoek om uitnodiging tot het doen van aangifte
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 (Ur AWR)
1. Met betrekking tot belastingen welke bij wege van aanslag worden geheven, is de belastingplichtige die niet binnen zes maanden na het tijdstip waarop de belastingschuld is ontstaan is uitgenodigd tot het doen van aangifte, gehouden de inspecteur om uitnodiging tot het doen van aangifte te verzoeken.
2. In afwijking van het eerste lid is, met betrekking tot de erfbelasting, de belastingplichtige die niet binnen de in artikel 45 van de Successiewet 1956 bedoelde termijn van twintig maanden is uitgenodigd tot het doen van aangifte, gehouden de inspecteur om uitnodiging tot het doen van aangifte te verzoeken.
3. In afwijking van het eerste lid is, met betrekking tot de schenkbelasting, de belastingplichtige begiftigde, alsmede de schenker die de belastbare schenking heeft gedaan, die niet binnen twee maanden na het einde van het kalenderjaar waarin de schenking heeft plaatsgevonden is uitgenodigd tot het doen van aangifte, gehouden de inspecteur om uitnodiging tot het doen van aangifte te verzoeken.
4. Het verzoek wordt ingediend binnen twee weken na het verstrijken van de in het eerste, tweede en derde lid bedoelde tijdvakken.
5. Voor de toepassing van het eerste lid wordt een belastingschuld waarvan de grootte eerst kan worden vastgesteld na afloop van het tijdvak waarover de belasting wordt geheven, geacht te zijn ontstaan op het tijdstip waarop dat tijdvak of de belastingplicht eindigt.
6. Het eerste lid is niet van toepassing, indien over het tijdvak waarover de belasting wordt geheven reeds een aanslag is opgelegd, dan wel redelijkerwijs moet worden aangenomen dat over dat tijdvak, na verrekening van voorheffingen, geen belasting verschuldigd is, geen aanslag zal worden opgelegd of uitsluitend op grond van artikel 9.4, eerste lid, onderdelen c of d, van de Wet inkomstenbelasting 2001 een aanslag zal worden opgelegd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Zeeland-West-Brabant 24 mei 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:3233
- Rb. Zeeland-West-Brabant 24 mei 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:3230
- Rb. Zeeland-West-Brabant 30 maart 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:1977
- Rb. Zeeland-West-Brabant 18 april 2014, ECLI:NL:RBZWB:2014:2740
- Rb. 's-Gravenhage 29 april 2010, ECLI:NL:RBSGR:2010:BM5884
- Rb. 's-Gravenhage 29 april 2010, ECLI:NL:RBSGR:2010:BM5861
- Rb. Noord-Holland 10 juni 2021, ECLI:NL:RBNHO:2021:4643
- Rb. Breda 30 augustus 2006, ECLI:NL:RBBRE:2006:AY7975
- Hof 's-Hertogenbosch 22 oktober 2003, ECLI:NL:GHSHE:2003:AN9550
- Hof 's-Gravenhage 24 mei 2011, ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ7688
- Hof Den Haag 21 januari 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:104
- Hof Den Haag 17 mei 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:1529
- Hof Arnhem 4 augustus 2009, ECLI:NL:GHARN:2009:BJ7980
- Hof Arnhem-Leeuwarden 7 juli 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:4496
- Hof Arnhem-Leeuwarden 30 augustus 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:7513
- Hof Amsterdam 16 januari 2003, ECLI:NL:GHAMS:2003:AF3266