Art. 34f WRB, De normen voor de financiële draagkracht van de rechtzoekende
Wet op de rechtsbijstand (WRB)
1. De rechtzoekende is het bedrag dat in het kader van de verlening van rechtsbijstand door het bestuur is betaald aan de rechtsbijstandverlener verschuldigd aan het bestuur, indien de rechtzoekende op grond van het besluit, bedoeld in artikel 34d, eerste lid, geen recht heeft op de verlening van rechtsbijstand.
2. Het bestuur vordert het bedrag, bedoeld in het eerste lid, van de rechtzoekende, tenzij zwaarwegende omstandigheden zich daartegen verzetten.
3. Bij het vaststellen van de termijn of de termijnen waarbinnen moet worden betaald, houdt het bestuur rekening met de draagkracht van de rechtzoekende.
4. Bij gebreke van volledige betaling kan het bestuur na een aanmaning als bedoeld in artikel 4:112 van de Algemene wet bestuursrecht invorderen bij dwangbevel als bedoeld in artikel 4:114 van de Algemene wet bestuursrecht.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 4 november 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2624
- ABRvS 16 september 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2885
- ABRvS 16 oktober 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4160
- ABRvS 20 juni 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2003
- Conclusie A-G Wissink 17 januari 2025, ECLI:NL:PHR:2025:72
- ABRvS 26 juni 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2584
- ABRvS 26 juni 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2582
- ABRvS 3 oktober 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3214
- ABRvS 1 augustus 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2579
- ABRvS 23 mei 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1705
- Rb. Den Haag 12 mei 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:5098
- ABRvS 27 augustus 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4135
- ABRvS 25 september 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3865
- ABRvS 2 maart 2022, ECLI:NL:RVS:2022:634
- ABRvS 28 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2810
- ABRvS 28 november 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3865
- ABRvS 19 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1947
- ABRvS 8 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1607
- ABRvS 24 juni 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1973
- ABRvS 3 september 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3320