Art. 33e ARAR, Aanvullende bevoegdheid tot het verlenen van buitengewoon verlof

Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR)

1. Buitengewoon verlof van korte duur, al dan niet met behoud van volle bezoldiging, kan bovendien worden verleend in de gevallen, waarin hij, die tot verlenen van dat verlof bevoegd is verklaard, oordeelt, dat daartoe aanleiding bestaat.

2. Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is bevoegd ter uitvoering van het eerste lid zo nodig nadere regels vast te stellen.

Uitspraken die dit artikel aanhalen