Rb. 's-Gravenhage 11 januari 2012, ECLI:NL:RBSGR:2012:BV0697

ambtenarenrecht Algemeen rijksambtenarenreglement Verweerder heeft eiseres eervol ontslag verleend op andere gronden, als bedoeld in artikel 99, eerste lid, van het ARAR. Tevens heeft verweerder bepaald dat eiseres op grond van het tweede lid van dat artikel een uitkering wordt toegekend. De bedrijfsarts heeft verweerder geadviseerd te streven naar een werksituatie buiten de huidige werkgever (het 2e spoor). Vanaf dat moment waren alle acties van verweerder erop gericht om eiseres te begeleiden naar een baan buiten de Raad. Eiseres is door verweerder in de gelegenheid gesteld om een baan buiten de Raad te zoeken. Zij is vanaf januari 2009 begeleid door USG Restart. Eiseres is met ingang van 22 januari 2009 volledig vrijgesteld van haar werkzaamheden, zodat zij zich volledig kon richten op het traject bij USG Restart. Daartoe is eiseres buitengewoon verlof verleend met behoud van bezoldiging. Eiseres heeft hieraan meegewerkt, maar het traject heeft niet geleid tot werkhervatting bij een andere werkgever. De rechtbank overweegt dat het traject, gelet op de instelling en handelwijze van partijen, in dit geval een onomkeerbaar en eindig karakter had. Eiseres was zich er bovendien van bewust dat het dienstverband op enig moment zou aflopen. Het standpunt van eiseres komt er op neer dat verweerder het ontslagbesluit dient in te trekken en dat haar excuses aangeboden zouden moeten worden. Naar het oordeel van de rechtbank is, objectief bezien, gaandeweg een impasse ontstaan. De rechtbank is gelet op het voorgaande van oordeel dat er voldoende feitelijke grondslag bestond voor de constatering dat sprake was van een situatie waarin voortzetting van het dienstverband redelijkerwijs niet van het bestuursorgaan kan worden verwacht. Verweerder was derhalve bevoegd eiseres met toepassing van artikel 99 ARAR op andere gronden te ontslaan. De rechtbank is voorts van oordeel dat verweerder in redelijkheid van deze bevoegdheid gebruik heeft kunnen maken. Aan het ontslag van eiseres is een dergelijke reguliere uitkering verbonden. Eiseres acht zich daarmee te kort gedaan. Niet gebleken is dat aanknopingspunten bestaan voor de conclusie dat verweerder een overwegend aandeel heeft gehad in het ontstaan en voortbestaan van de impasse die tot het ontslag heeft geleid. De brief van verweerder van 4 juli 2011 maakt dit, ondanks de erkenning dat de communicatie op onderdelen beter had gekund, niet anders. Verweerder heeft dan ook in redelijkheid kunnen volstaan met het toekennen van de gebruikelijke reguliere uitkering.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen