CRvB 16 december 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BU8683

Schorsing in het belang van de dienst. Het vermoeden dat aanleiding gaf tot de schorsing is voldoende concreet omschreven in het schorsingsvoornemen. Geen reden om te betwijfelen dat de mondelinge informatie waarop het voornemen tot schorsing was gebaseerd voldoende reëel en ernstig was om het schorsingsbesluit te rechtvaardigen. Niet alleen de gerezen twijfels aan de integriteit, maar ook de gerechtvaardigde wens om buiten aanwezigheid van appellant aanvullend onderzoek te doen, vormden grondslag voor deze ordemaatregel. De maatregel van schorsing was niet onnodig beschadigend. Het verlenen van buitengewoon verlof is in dit geval minder passend. Intrekking detachering; vooralsnog geen definitieve plaatsing. De schorsing van appellant en de vermoedens die daartoe aanleiding gaven vormden voldoende grond voor de minister om de detachering van appellant te beëindigen en hem voorlopig niet in aanmerking te brengen voor definitieve plaatsing bij de afdeling waar hij geschorst was. De minister heeft daarbij met de belangen van appellant in het kader van de reorganisatie in voldoende mate rekening gehouden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen