Art. 444b Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, Van executoriaal beslag op roerende zaken die geen registergoederen zijn
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
1. Indien de derde niet voldoet aan enige hem bij het tweede, derde en vierde lid van het vorige artikel opgelegde verplichting, kan hij worden veroordeeld tot voldoening van het bedrag der vordering, waarvoor het beslag wordt gelegd, met rente en kosten.
2. De schade, welke de derde lijdt door het openbreken der deuren, wordt, indien dit niet aan hem te wijten is, hem vergoed door de executant, behoudens het verhaal van deze op de geëxecuteerde, indien daartoe gronden aanwezig zijn. De derde kan verlangen, dat, alvorens tot het openmaken der deuren wordt overgegaan, zekerheid wordt gesteld voor de voldoening der hem verschuldigde schadevergoeding.
3. De deurwaarder en de ambtenaar, in artikel 444 genoemd, zijn tot geheimhouding verplicht nopens de inhoud van het register en de stukken, bedoeld in het derde lid van het vorige artikel; echter wat de geëxecuteerde betreft, voor zover niet anders is vereist voor een behoorlijke vervulling van hun taak te dezen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Zeeland-West-Brabant 20 maart 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ4984
- Rb. Rotterdam 6 oktober 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:12842
- Rb. Rotterdam 1 november 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:10399
- Rb. Limburg 11 maart 2021, ECLI:NL:RBLIM:2021:2333
- Rb. Den Haag 16 september 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:12258
- Rb. Amsterdam 13 juli 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:9569
- Conclusie A-G Snijders 16 februari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:171
- Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 29 mei 2024, ECLI:NL:OGEABES:2024:156
- Hof 's-Hertogenbosch 26 februari 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:702
- Hof Arnhem 8 mei 2007, ECLI:NL:GHARN:2007:BA4918
- Hof Arnhem 11 juni 2002, ECLI:NL:GHARN:2002:AI1683
- Hof Amsterdam 17 april 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BW4781