Hof Arnhem 8 mei 2007, ECLI:NL:GHARN:2007:BA4918
Anders dan de rechtbank acht het hof die lezing van zaken niet aannemelijk. Zij is weliswaar uitgebreid verwoord en met stukken belegd, maar zij is in strijd met de bewoordingen van de door geïntimeerde sub 2 zelf opgestelde factuur. Bovendien is absoluut onduidelijk hoe geïntimeerde sub 2 volgens het overgelegde uittreksel uit het handelsregister een bedrijf in het knippen en buigen van betonijzer en de handel in betonijzer met vier daarin werkzame personen in staat zou zijn een managementopleiding te geven waaraan partijen in redelijkheid een waarde van ƒ 135.000 zouden kunnen hebben toegekend. Voorts staat tussen partijen vast dat ze reeds na ongeveer drie maanden tot de conclusie zijn gekomen dat appellant niet geschikt was als manager en dat hij verder nog slechts als buiger/knipper zou functioneren en hebben geïntimeerden niet uitgelegd waarom toen tussen partijen helemaal niet is gesproken over de door appellant gedane betaling van ƒ 135.000 voor een drie jaren durende managementopleiding.
De uitspraak op rechtspraak.nl