Art. 29 Verordening (EU) 2024/1620, Talenregeling bij direct toezicht
1. De autoriteit en de financiële toezichthouders treffen regelingen voor hun communicatie binnen het AML/CFT-toezichtsysteem, onder meer wat de te gebruiken taal of talen betreft.
2. Elk document dat een geselecteerde meldingsplichtige entiteit of een andere natuurlijke of rechtspersoon die individueel aan de toezichtprocedures van de autoriteit onderworpen is, bij de autoriteit indient, mag worden opgesteld in een door de betrokken geselecteerde meldingsplichtige entiteit of natuurlijke of rechtspersoon gekozen officiële taal van de Unie.
3. De autoriteit, de geselecteerde meldingsplichtige entiteiten en andere natuurlijke of rechtspersonen die individueel aan de toezichtprocedures van de autoriteit onderworpen zijn, mogen afspreken om in hun schriftelijke communicatie slechts één officiële taal van de Unie te gebruiken, onder meer met betrekking tot de toezichtbesluiten van de autoriteit.
4. Wanneer een in lid 3 bedoelde afspraak om slechts één taal te gebruiken, wordt ingetrokken, is die intrekking alleen van invloed op nog niet uitgevoerde aspecten van de toezichtprocedure van de autoriteit.
5. Indien deelnemers aan een mondelinge hoorzitting verzoeken om gehoord te worden in een andere officiële taal van de Unie dan de taal waarin de toezichtprocedure van de autoriteit wordt gevoerd, wordt het verzoek daartoe tijdig bij de autoriteit ingediend, zodat die de nodige voorzieningen kan treffen.