Art. 25 Verordening (EU) 2024/1620, Bekendmaking van administratieve maatregelen, geldboeten en dwangsommen
1. De autoriteit maakt elk besluit tot oplegging van geldboeten of dwangsommen en elk besluit waarbij in artikel 21, lid 2, punten c) tot en met g), bedoelde administratieve maatregelen worden toegepast ten aanzien van in artikel 21, lid 1, punt a), bedoelde gevallen, onmiddellijk bekend nadat de voor de inbreuk verantwoordelijke persoon van dat besluit in kennis is gesteld. De bekendmaking bevat ten minste informatie over het type en de aard van de inbreuk, de identiteit van de verantwoordelijke persoon en, voor geldboeten of dwangsommen, het bedrag daarvan.
In afwijking van de eerste alinea kan de autoriteit, wanneer de bekendmaking administratieve maatregelen betreft waartegen beroep kan worden ingesteld en die niet gericht zijn op het verhelpen van ernstige, herhaalde en stelselmatige inbreuken, de bekendmaking van die administratieve maatregelen uitstellen tot het verstrijken van de termijn voor het instellen van beroep bij het Hof van Justitie van de Europese Unie.
2. Na het verstrijken van de termijn voor een toetsing van het besluit door de administratieve raad voor toetsing of, indien de meldingsplichtige entiteit niet om een dergelijke toetsing heeft verzocht, het verstrijken van de termijn voor het instellen van beroep bij het Hof van Justitie van de Europese Unie, openbaart de autoriteit de informatie inzake een verzoek tot toetsing of beroep. Alle daaropvolgende informatie over de uitkomst van die toetsing of dat beroep wordt door de autoriteit onmiddellijk nadat zij die informatie heeft verkregen, bekendgemaakt. Een besluit tot nietigverklaring van een besluit tot oplegging van een geldboete of een dwangsom of een besluit waarbij een administratieve maatregel op grond van artikel 21, lid 1, punt a), wordt toegepast, wordt eveneens bekendgemaakt.
3. Niettegenstaande de in lid 1 bedoelde vereiste, moet de autoriteit indien zij in een individueel geval oordeelt dat bekendmaking van de identiteit of de persoonsgegevens van de verantwoordelijke personen onevenredig is, of wanneer bekendmaking een gevaar oplevert voor de stabiliteit van de financiële markten of voor een lopend onderzoek:
a) de bekendmaking van het besluit uitstellen totdat de redenen voor niet-bekendmaking ophouden te bestaan;
b) het besluit op anonieme basis bekendmaken indien door een dergelijke anonieme bekendmaking de persoonsgegevens van de verantwoordelijke personen doeltreffend beschermd zijn; in dat geval stelt de autoriteit de bekendmaking van de relevante gegevens voor een redelijke termijn uit mits te verwachten is dat de redenen voor anonieme bekendmaking binnen die termijn ophouden te bestaan;
c) het besluit in het geheel niet bekendmaken indien de in de punten a) en b) beschreven opties ontoereikend worden geacht om te waarborgen dat:
i) de stabiliteit van financiële markten niet in gevaar wordt gebracht; of
ii) de bekendmaking van het besluit evenredig is met betrekking tot overeenkomstig artikel 21, lid 1, punt a), toegepaste administratieve maatregelen, wanneer die maatregelen als gering worden beschouwd.
4. De autoriteit laat elke bekendmaking op grond van dit artikel gedurende een periode van vijf jaar op haar website staan.