Art. 204 Verordening (EU) 2018/1046, Financiële steun aan derden
Wanneer voor de uitvoering van een actie of een werkprogramma financiële steun aan derden moet worden verleend, mag de begunstigde dergelijke financiële steun verlenen mits de voorwaarden voor de verlening van deze steun in de subsidieovereenkomst tussen de begunstigde en de Commissie zijn vastgelegd, zonder discretionaire bevoegdheid voor de begunstigde.
Er wordt geen discretionaire bevoegdheid geacht te bestaan indien in de subsidieovereenkomst het volgende is bepaald:
a) het maximumbedrag aan financiële steun dat aan een derde kan worden uitbetaald, dat ten hoogste 60 000 EUR bedraagt, alsmede de criteria voor het vaststellen van het precieze bedrag.;
b) een vaste lijst van de verschillende soorten activiteiten waarvoor financiële steun kan worden toegekend;
c) een omschrijving van de personen of de categorieën van personen die voor dergelijke financiële steun in aanmerking komen, en de criteria voor de verlening ervan.
De in de tweede alinea, onder a), bedoelde drempel mag worden overschreden wanneer het verwezenlijken van de doelstellingen van de acties anders onmogelijk of te moeilijk zou zijn.