Art. 15 Verordening (EU) 2018/1046, Wederopvoering van met vrijmakingen overeenstemmende kredieten

Verordening (EU) 2018/1046

1. De in Verordeningen (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 223/2014 en (EU) nr. 514/2014 bedoelde met vrijmakingen overeenstemmende kredieten kunnen worden wederopgevoerd in geval van een uitsluitend aan de Commissie toe te rekenen kennelijke fout.

De Commissie onderzoekt daartoe de vrijmakingen van het voorgaande begrotingsjaar en neemt, naargelang de behoeften, uiterlijk op 15 februari van het lopende begrotingsjaar een besluit over de noodzaak tot wederopvoering van de betrokken kredieten.

2. In aanvulling op het in lid 1 van dit artikel bedoelde geval worden de met vrijmakingen overeenstemmende kredieten wederopgevoerd in geval van:

a) de vrijmaking uit een programma dat valt onder de regelingen voor de uitvoering van de prestatiereserve die is ingesteld overeenkomstig artikel 20 van Verordening (EU) nr. 1303/2013;

b) de vrijmaking uit een programma dat bestemd is voor een specifiek financieringsinstrument ten behoeve van kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s) als gevolg van de beëindiging van de deelname van een lidstaat aan het financieringsinstrument, zoals bedoeld in artikel 39, lid 2, zevende alinea, van Verordening (EU) nr. 1303/2013.

3. Vastleggingskredieten die overeenkomen met het bedrag aan vrijmakingen die het gevolg zijn van gehele of gedeeltelijke niet-uitvoering van onderzoeksprojecten waarvoor zij bestemd waren, kunnen ook in het kader van de begrotingsprocedure worden wederopgevoerd ten gunste van het onderzoeksprogramma waartoe de projecten behoren of de opvolger ervan.

Vorige artikelen

Volgende artikelen