Art. 28 Verordening (EU) 2016/2031, Maatregelen van de Unie ter bestrijding van specifieke EU-quarantaineorganismen
1. De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen maatregelen vaststellen ter bestrijding van specifieke EU-quarantaineorganismen. Bij deze maatregelen wordt specifiek voor elk van de betrokken plaagorganismen uitvoering gegeven aan een of meer van de volgende bepalingen:
a) artikel 10 betreffende maatregelen die moeten worden genomen in geval van vermoeden en officiële bevestiging door de bevoegde autoriteiten van de aanwezigheid van dat EU-quarantaineorganisme;
b) artikel 14 betreffende onmiddellijk door professionele marktdeelnemers te nemen maatregelen;
c) artikel 15 betreffende onmiddellijk door personen die geen professionele marktdeelnemer zijn te nemen maatregelen;
d) artikel 17 betreffende uitroeiing van EU-quarantaineorganismen;
e) artikel 18 betreffende de instelling van afgebakende gebieden;
f) artikel 19 betreffende onderzoeken met betrekking tot en wijzigingen van afgebakende gebieden, en opheffing van beperkingen;
g) artikel 22 betreffende onderzoeken met betrekking tot EU-quarantaineorganismen en plaagorganismen die voorlopig als EU-quarantaineorganismen worden aangemerkt;
h) artikel 24 betreffende onderzoeken met betrekking tot prioritaire plaagorganismen, wat het aantal visuele onderzoeken, monsters en tests voor bepaalde prioritaire plaagorganismen betreft;
i) artikel 25 betreffende noodplannen voor prioritaire plaagorganismen;
j) artikel 26 betreffende simulatieoefeningen voor prioritaire plaagorganismen;
k) artikel 27 betreffende actieplannen voor prioritaire plaagorganismen.
Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 107, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.
2. In afwijking van artikel 17 stelt de Commissie, wanneer op basis van de in artikel 19 bedoelde onderzoeken of van andere gegevens wordt geconcludeerd dat uitroeiing van het betrokken EU-quarantaineorganisme in een afgebakend gebied niet mogelijk is, door middel van uitvoeringshandelingen in de zin van lid 1 van dit artikel maatregelen vast die inperking ten doel hebben.
Om tot die conclusie te komen, neemt de Commissie onverwijld de nodige maatregelen nadat de betrokken lidstaat of een andere bron de desbetreffende gegevens heeft overgelegd.
3. Wanneer de Commissie tot de conclusie komt dat voor de bescherming van het deel van het grondgebied van de Unie waar het betrokken EU-quarantaineorganisme niet aanwezig is, preventiemaatregelen op gebieden buiten de afgebakende gebieden noodzakelijk zijn, kan zij door middel van uitvoeringshandelingen in de zin van lid 1 dergelijke maatregelen vaststellen.
4. De in de leden 1, 2 en 3 bedoelde maatregelen worden vastgesteld overeenkomstig bijlage II, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke risico's op de betrokken EU-quarantaineorganismen, de specifieke ecoklimatologische omstandigheden en risico's voor de betrokken lidstaten en de noodzaak van geharmoniseerde uitvoering van de noodzakelijke risicobeperkende maatregelen op het niveau van de Unie.
5. Zolang de Commissie geen maatregel heeft vastgesteld, kan de lidstaat de door hem genomen maatregelen handhaven.
6. Om naar behoren gemotiveerde dwingende redenen van urgentie die verband houden met het aanpakken van een ernstig risico van plaagorganismen, stelt de Commissie volgens de in artikel 107, lid 3, bedoelde procedure onmiddellijk toepasselijke uitvoeringshandelingen vast. Die maatregelen worden vastgesteld overeenkomstig bijlage II, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke risico's op de betrokken EU-quarantaineorganismen, de specifieke ecoklimatologische omstandigheden en risico's voor de betrokken lidstaten en de noodzaak van geharmoniseerde uitvoering van de noodzakelijke risicobeperkende maatregelen op het niveau van de Unie.
7. De lidstaten stellen door middel van het in artikel 103 bedoelde elektronische kennisgevingssysteem de Commissie en de overige lidstaten in kennis van eventuele gevallen waarin de op grond van dit artikel vastgestelde maatregelen niet zijn nageleefd, waardoor het risico van verspreiding van EU-quarantaineorganismen ontstaat.