Art. 11 Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/61, Activa van niveau 2A
Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/61
1. Activa van niveau 2A omvatten uitsluitend activa die onder een of meer van de volgende categorieën vallen en die in elk geval voldoen aan de volgende criteria om voor opname in de categorie in aanmerking te komen:
a) activa die vorderingen vertegenwoordigen op of worden gegarandeerd door regionale overheden, lokale autoriteiten of publiekrechtelijke lichamen in een lidstaat, wanneer aan de blootstellingen met betrekking tot deze overheden een risicogewicht van 20 % is toegekend overeenkomstig artikel 115, leden 1 en 5, en artikel 116, leden 1, 2 en 3, van Verordening (EU) nr. 575/2013, zoals van toepassing;
b) activa die vorderingen vertegenwoordigen op of worden gegarandeerd door de centrale overheid of de centrale bank van een derde land of een regionale overheid, lokale autoriteit of publiekrechtelijk lichaam van een derde land, mits hieraan een risicogewicht van 20 % is toegekend overeenkomstig artikel 114, lid 2, en de artikelen 115 en 116 van Verordening (EU) nr. 575/2013, zoals van toepassing;
c) blootstellingen in de vorm van gedekte obligaties van hoge kwaliteit, die voldoen aan alle onderstaande voorwaarden:
i) zij zijn obligaties als bedoeld in artikel 52, lid 4, van Richtlijn 2009/65/EG of voldoen aan de eisen om in aanmerking te komen voor de behandeling als bedoeld in artikel 129, leden 4 of 5, van Verordening (EU) nr. 575/2013;
ii) de blootstellingen met betrekking tot instellingen in de cover pool voldoen aan de voorwaarden van artikel 129, lid 1, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013;
iii) de kredietinstelling die in de gedekte obligaties belegt, en de uitgevende instelling voldoen aan het transparantievereiste als bedoeld in artikel 129, lid 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013;
iv) de gedekte obligaties hebben een uitgiftewaarde van ten minste 250 miljoen EUR (of de tegenwaarde daarvan in de binnenlandse valuta);
v) aan de gedekte obligaties is door een aangewezen EKBI een kredietbeoordeling van ten minste kredietkwaliteitscategorie 2 toegekend overeenkomstig artikel 129, lid 4, van Verordening (EU) nr. 575/2013, een gelijkwaardige kredietkwaliteitscategorie in het geval van een kredietbeoordeling voor de korte termijn of, bij gebrek aan een kredietbeoordeling, een risicogewicht van 20 %, overeenkomstig artikel 129, lid 5, van die verordening;
vi) de cover pool voldoet te allen tijde aan het vereiste van een activadekking die ten minste 7 % hoger is dan het bedrag dat nodig is om aan de vorderingen in verband met de gedekte obligaties te voldoen. Wanneer de gedekte obligaties van kredietkwaliteitscategorie 1 echter niet voldoen aan de minimale uitgiftewaarde voor gedekte obligaties van uiterst hoge kwaliteit overeenkomstig artikel 10, lid 1, onder f), punt (iv), maar voldoen aan de eisen voor gedekte obligaties van hoge kwaliteit als bedoeld de punten i), ii), iii) en iv), geldt hiervoor een minimale activadekking van 2 %;
d) blootstellingen in de vorm van gedekte obligaties uitgegeven door kredietinstellingen in derde landen die voldoen aan alle onderstaande voorwaarden:
i) het gaat om gedekte obligaties overeenkomstig de nationale wetgeving van het derde land waarin deze worden gedefinieerd als schuldbewijzen uitgegeven door een kredietinstelling of door een volledige dochteronderneming van een kredietinstelling die de uitgifte garandeert, en gedekt door een cover pool van activa waarop obligatiehouders direct beroep kunnen doen voor terugbetaling van de hoofdsom en rente op prioritaire basis in geval van wanbetaling door de uitgevende instelling;
ii) de uitgevende instelling en de gedekte obligaties zijn uit hoofde van de nationale wetgeving van het derde land onderworpen aan speciaal overheidstoezicht ter bescherming van de obligatiehouders, en de in het derde land toegepaste regelingen inzake toezicht en regulering dienen ten minste gelijkwaardig te zijn die welke in de Unie worden toegepast;
iii) de gedekte obligaties worden gedekt door een pool van activa van een of meer van de types als bedoeld in artikel 129, lid 1, onder b), onder d), i), onder f), i), of onder g), van Verordening (EU) nr. 575/2013. Wanneer de pool uit door onroerend goed gewaarborgde leningen bestaat, moet aan de vereisten van artikel 208 en artikel 229, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 worden voldaan;
iv) de blootstellingen met betrekking tot instellingen in de cover pool voldoen aan de voorwaarden van artikel 129, lid 1, onder c), en artikel 129, lid 1, laatste alinea, van Verordening (EU) nr. 575/2013;
v) de kredietinstelling die in de gedekte obligaties belegt, en de uitgevende instelling voldoen aan het transparantievereiste als bedoeld in artikel 129, lid 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013;
vi) aan de gedekte obligaties is door een aangewezen EKBI een kredietbeoordeling van ten minste kredietkwaliteitscategorie 1 toegekend overeenkomstig artikel 129, lid 4, van Verordening (EU) nr. 575/2013, een gelijkwaardige kredietkwaliteitscategorie in het geval van een kredietbeoordeling voor de korte termijn of, bij gebrek aan een kredietbeoordeling een risicogewicht van 10 % overeenkomstig artikel 129, lid 5, van deze verordening; en
vii) de cover pool voldoet te allen tijde aan het vereiste van een activadekking die ten minste 7 % hoger is dan het bedrag dat nodig is om aan de vorderingen in verband met de gedekte obligaties te voldoen. Wanneer de minimale uitgiftewaarde van de gedekte obligaties 500 miljoen EUR (of de tegenwaarde daarvan in de binnenlandse valuta) bedraagt, geldt hiervoor echter een minimale activadekking van 2 %;
e) bedrijfsschuldpapieren die voldoen aan alle volgende voorwaarden:
i) aan deze papieren is door een aangewezen EKBI een kredietbeoordeling van ten minste kredietkwaliteitscategorie 1 toegekend overeenkomstig artikel 122 van Verordening (EU) nr. 575/2013, of een gelijkwaardige kredietkwaliteitscategorie in het geval van een kredietbeoordeling voor de korte termijn;
ii) de schuldpapieren hebben een uitgiftewaarde van ten minste 250 miljoen EUR (of de tegenwaarde daarvan in de binnenlandse valuta);
iii) de looptijd van de schuldpapieren bedraagt bij uitgifte maximaal tien jaar.
2. Op de marktwaarde van alle activa van niveau 2A wordt een reductiefactor van ten minste 15 % toegepast.