Art. 5 Verordening (EU) nr. 1316/2013, Begroting

Verordening (EU) nr. 1316/2013

1. De financiële middelen voor de uitvoering van de CEF voor de periode 2014-2020 zijn vastgesteld op 33 242 259 000 EUR (20) in lopende prijzen. Dat bedrag wordt als volgt verdeeld:

a) sector vervoer: 26 250 582 000 EUR, waarvan 11 305 500 000 EUR wordt overgedragen uit het Cohesiefonds en overeenkomstig deze verordening moet worden besteed, uitsluitend in de lidstaten die in aanmerking komen voor steun uit het Cohesiefonds;

b) sector telecommunicatie: 1 141 602 000 EUR;

c) sector energie: 5 850 075 000 EUR.

Deze bedragen gelden onverminderd de toepassing van het flexibiliteitsmechanisme in Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 (21).

2. De financiële middelen voor de uitvoering van de CEF hebben betrekking op uitgaven op het gebied van:

a) acties die bijdragen aan projecten van gemeenschappelijk belang en programmaondersteunende acties bedoeld in artikel 7;

b) programmaondersteunende acties, namelijk uitgaven voor technische en administratieve bijstand die de Commissie doet in verband met het beheer van de Facility, met inbegrip van uitgaven voor de overgang tussen de CEF en de maatregelen in het kader van Verordening (EG) nr. 680/2007, tot 1 % van de financiële middelen; de kosten voor het uitvoerend agentschap, vallen onder dit maximumbedrag.

3. Na de in artikel 27, lid 1, bedoelde tussentijdse evaluatie kunnen het Europees Parlement en de Raad op voorstel van de Commissie kredieten van de in lid 1 vastgestelde toewijzing overdragen tussen de vervoer-, telecommunicatie- en energiesectoren, met uitzondering van het bedrag van 11 305 500 000 EUR dat uit het Cohesiefonds is overgedragen om projecten in de sector vervoer te financieren in lidstaten die in aanmerking komen voor het Cohesiefonds.

4. De jaarlijkse kredieten worden door het Europees Parlement en de Raad toegestaan binnen de grenzen van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020.

Vorige artikelen

Volgende artikelen