Art. 41 Verordening (EU) nr. 1307/2013, Algemene voorschriften
Verordening (EU) nr. 1307/2013
1. De lidstaten kunnen uiterlijk op 1 augustus van elk jaar besluiten om vanaf het volgende jaar een jaarlijkse betaling toe te kennen aan landbouwers die recht hebben op een betaling in het kader van de in afdelingen 1, 2, 3 en 5 van hoofdstuk 1 bedoelde basisbetalingsregeling of de in afdeling 4 van hoofdstuk 1 bedoelde regeling inzake een enkele areaalbetaling ("de herverdelingsbetaling").
De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op de in de eerste alinea vermelde datum in kennis van een dergelijk besluit.
2. De lidstaten die hebben besloten de basisbetalingsregeling op regionaal niveau overeenkomstig artikel 23 toe te passen, kunnen de herverdelingsbetaling op regionaal niveau toepassen.
3. Onverminderd de toepassing van de financiële discipline, de verlaging van betalingen overeenkomstig artikel 11 en van de lineaire verlagingen overeenkomstig artikel 7 van deze verordening, alsook van artikel 63 van Verordening (EU) nr. 1306/2013, wordt de herverdelingsbetaling jaarlijks toegekend na activering van de betalingsrechten door de landbouwer of, in lidstaten die artikel 36 van deze verordening toepassen, na aangifte van subsidiabele hectaren door de landbouwer.
4. De herverdelings wordt elk jaar door de lidstaten berekend door een door de lidstaat vast te stellen getal dat niet hoger is dan 65 % van de nationale of regionale gemiddelde basisbetaling per hectare te vermenigvuldigen met het aantal geactiveerde betalingsrechten overeenkomstig artikel 33, lid 1,of met het aantal subsidiabele hectaren die de landbouwer overeenkomstig artikel 36, lid 2 heeft aangegeven. Het aantal dergelijke betalingsrechten overschrijdt het door de lidstaten vast te stellen maximum dat niet groter is dan 30 hectaren of de gemiddelde omvang van landbouwbedrijven als vermeld in bijlage VIII niet, als die gemiddelde omvang in de betrokken lidstaat groter is dan 30 hectaren.
5. Mits de in lid 4 vastgestelde maxima in acht worden genomen, kunnen de lidstaten op nationaal niveau voorzien in een gradatie binnen het overeenkomstig dat lid vastgestelde aantal hectaren, die op dezelfde manier op alle landbouwers wordt toegepast.
6. De lidstaten stellen de in lid 4 van dit artikel bedoelde nationale gemiddelde betaling per hectare vast op basis van het nationale maximum dat in bijlage II voor het kalenderjaar 2019 is vermeld, en het aantal subsidiabele hectaren dat in 2015 overeenkomstig artikel 33, lid 1, of artikel 36, lid 2 is aangegeven.
De lidstaten stellen de in lid 4 van dit artikel bedoelde regionale gemiddelde betaling per hectare vast op basis van een percentage van het nationale maximum dat in bijlage II voor het kalenderjaar 2019 is vastgesteld, en het aantal subsidiabele hectaren dat in 2015 overeenkomstig artikel 33, lid 1, in de betrokken regio is aangegeven. Dit percentage wordt voor elke regio berekend door het desbetreffende regionale maximum als vastgesteld overeenkomstig artikel 23, lid 2, te delen door het nationale maximum dat overeenkomstig artikel 22, lid 1, is bepaald, na toepassing van de in artikel 30, lid 1, bedoelde lineaire verlaging indien artikel 30, lid 2, niet wordt toegepast.
7. De lidstaten zorgen ervoor dat geen voordelen uit hoofde van dit hoofdstuk worden toegekend aan landbouwers ten aanzien van van wie vaststaat dat zij na 18 oktober 2011 hun bedrijf hebben opgesplitst met als enig doel in aanmerking te komen voor de herverdelingsbetaling. Dit geldt ook voor landbouwers wier bedrijf uit die opsplitsing is ontstaan.
8. In het geval van een rechtspersoon of een groep van natuurlijke of rechtspersonen kunnen de lidstaten het in lid 4 bedoelde maximumaantal betalingsrechten of hectaren toepassen op het niveau van de leden van deze rechtspersonen of groepen, indien het nationale recht bepaalt dat de individuele leden rechten en verplichtingen hebben die vergelijkbaar zijn met die van individuele landbouwers die de status van bedrijfshoofd hebben, met name wat hun economische, sociale en belastingsstatus betreft, mits zij hebben bijgedragen tot de versterking van de landbouwstructuren van de betrokken rechtspersonen of groepen.