Art. 11 Verordening (EG) nr. 1254/1999
Verordening (EG) nr. 1254/1999
1. Een producent die runderen op zijn bedrijf houdt, kan op zijn verzoek in aanmerking komen voor een slachtpremie. De premie wordt, binnen nader vast te stellen nationale maxima, toegekend bij het slachten van in aanmerking komende dieren of de uitvoer daarvan naar een derde land.
Voor de slachtpremie komen in aanmerking:
a) stieren, ossen, koeien en vaarzen van ten minste acht maanden;
b) kalveren van meer dan één en minder dan zeven maanden oud met een slachtgewicht van minder dan 160 kilogram,
op voorwaarde dat zij gedurende een nader te bepalen periode door de producent zijn gehouden.
2. De premie bedraagt:
a) per in aanmerking komend dier als omschreven in lid 1, onder a):
- 27 EUR voor het kalenderjaar 2000,
- 53 EUR voor het kalenderjaar 2001,
- 80 EUR voor het kalenderjaar 2002 en de daaropvolgende kalenderjaren;
b) per in aanmerking komend dier als omschreven in lid 1, onder b):
- 17 EUR voor het kalenderjaar 2000,
- 33 EUR voor het kalenderjaar 2001,
- 50 EUR voor het kalenderjaar 2002 en de daaropvolgende kalenderjaren.
3. De in lid 1 bedoelde nationale maxima worden vastgesteld per lidstaat en afzonderlijk voor beide groepen dieren als omschreven in lid 1, onder a) en b). Elk maximum is gelijk aan de aantallen dieren van elk van deze twee groepen die in 1995 in de betrokken lidstaat zijn geslacht plus die welke vanuit die lidstaat naar een derde land zijn uitgevoerd, volgens de gegevens van Eurostat of andere gepubliceerde officiële statistische gegevens voor dat jaar die door de Commissie zijn geaccepteerd.
4. Wanneer in een bepaalde lidstaat het totale aantal dieren waarvoor een premie is aangevraagd met betrekking tot een van de twee in lid 1, onder a) of b), bedoelde groepen dieren die voldoen aan de voorwaarden voor het toewijzen van de slachtpremie, het nationale maximum voor die groep overschrijdt, wordt het aantal van alle in aanmerking komende dieren van die groep per producent voor het jaar in kwestie evenredig verlaagd.
5. De Commissie stelt de uitvoeringsbepalingen voor dit artikel vast volgens de procedure van artikel 43.
Onderafdeling 5
Veebezetting
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 5 juli 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BU3156
- CBb 9 maart 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BP8524
- CBb 15 april 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BM3274
- CBb 26 augustus 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BJ6735
- CBb 23 juli 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BE9740
- CBb 26 juni 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BA8570
- CBb 26 juni 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BA8568
- CBb 11 oktober 2005, ECLI:NL:CBB:2005:AU4640
- CBb 6 april 2005, ECLI:NL:CBB:2005:AT4956
- CBb 10 november 2004, ECLI:NL:CBB:2004:AR5684
- CBb 5 december 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AO1119