Art. 8 Richtlijn 1999/30/EG, Informatie van het publiek

Richtlijn 1999/30/EG

1. De lidstaten zorgen ervoor dat recente informatie over de concentraties van zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, zwevende deeltjes en lood in de lucht stelselmatig toegankelijk wordt gemaakt voor het publiek en voor geëigende organisaties zoals milieu- en consumentenorganisaties, organisaties die de belangen van gevoelige bevolkingsgroepen behartigen en andere relevante instanties voor de gezondheidszorg, bijvoorbeeld via radio en televisie, pers, informatieschermen of computernetwerkdiensten.

Informatie over de concentraties van zwaveldioxide, stikstofdioxide en zwevende deeltjes in de lucht wordt tenminste dagelijks bijgewerkt, en in het geval van uurwaarden voor zwaveldioxide en stikstofdioxide wordt deze informatie als zulks praktisch haalbaar is per uur bijgewerkt. Informatie over de concentraties van lood in de lucht wordt tenminste driemaandelijks bijgewerkt.

Deze informatie behelst ten minste alle overschrijdingen van de concentraties van de grenswaarden en de alarmdrempels gedurende de middelingstijden die in de bijlagen I tot en met IV zijn vermeld. Indien mogelijk worden de gegevens ook verstrekt als de vervuiling boven of onder deze grenswaarden en alarmdrempels ligt of deze bereikt. Voorts omvat deze informatie een summiere beoordeling ten aanzien van grenswaarden en alarmdrempels, alsmede passende voorlichting over de gezondheidseffecten.

2. Wanneer de lidstaten krachtens artikel 8, lid 3, van Richtlijn 96/62/EG plannen of programma's voor het publiek toegankelijk maken, met inbegrip van de plannen en programma's voor de zones en agglomeraties die de lidstaten overeenkomstig artikel 3, lid 4, artikel 5, lid 4 en artikel 5, lid 5, aanwijzen, maken zij deze tevens toegankelijk voor de in lid 1 bedoelde organisaties.

3. Wanneer de in deel II van bijlage I en bijlage II vermelde alarmdrempel wordt overschreden omvat de overeenkomstig artikel 10 van Richtlijn 96/62/EG aan het publiek verstrekte informatie minimaal de in deel III van bijlage I en bijlage II vermelde gegevens.

4. Informatie aan het publiek en de in de leden 1 en 3 bedoelde organisaties moet duidelijk, begrijpelijk en toegankelijk zijn.