Art. 20 Verordening (EG) nr. 2200/96

Verordening (EG) nr. 2200/96

1. In afwijking van artikel 1 van Verordening nr. 26 (14) is artikel 85, lid 1, van het Verdrag niet van toepassing op de overeenkomsten, besluiten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen die door erkende brancheorganisaties worden toegepast ter uitvoering van de in artikel 19, lid 1, onder c), vermelde activiteiten.

2. Lid 1 is alleen van toepassing op voorwaarde dat:

- de overeenkomsten, besluiten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen ter kennis van de Commissie zijn gebracht en

- de Commissie binnen twee maanden vanaf de kennisgeving van alle gegevens die nodig zijn voor de beoordeling, niet heeft verklaard dat deze overeenkomsten, besluiten of onderling afgestemde feitelijke gedragingen strijdig zijn met de communautaire wetgeving.

Bovengenoemde overeenkomsten, besluiten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen kunnen pas na het verstrijken van die termijn ten uitvoer worden gelegd.

3. Overeenkomsten, besluiten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen worden in ieder geval strijdig met de communautaire wetgeving verklaard, indien zij:

- kunnen leiden tot compartimentering van de markten binnen de Gemeenschap, ongeacht in welke vorm,

- de gemeenschappelijke marktordening kunnen doorkruisen,

- concurrentiedistorsies kunnen teweegbrengen die niet volstrekt noodzakelijk zijn voor het bereiken van de met de sectorale actie nagestreefde doelstellingen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid;

- de vaststelling van prijzen omvatten, onverminderd maatregelen die de brancheorganisaties treffen ter uitvoering van specifieke bepalingen van de communautaire wetgeving;

- discriminaties kunnen doen ontstaan of de concurrentie voor een aanzienlijk deel van de betrokken produkten kunnen beknotten.

4. Indien de Commissie na het verstrijken van de in lid 2, tweede streepje, bedoelde termijn van twee maanden constateert dat de voorwaarden met betrekking tot de toepassing van deze verordening niet zijn vervuld, neemt zij een besluit waarin wordt verklaard dat artikel 85, lid 1, van het Verdrag van toepassing is op de betrokken overeenkomst, besluit of onderling afgestemde feitelijke gedraging.

Dit besluit van de Commissie mag niet in werking treden vóór de dag van kennisgeving ervan aan de betrokken brancheorganisatie, tenzij deze laatste onjuiste gegevens heeft verstrekt of misbruik heeft gemaakt van de in lid 1 bedoelde vrijstelling.

5. In het geval van meerjarenovereenkomsten geldt de aan het eerste jaar voorafgaande kennisgeving ook voor de volgende jaren van de looptijd van de overeenkomst; in een dergelijk geval kan de Commissie evenwel op eigen initiatief of op verzoek van een andere Lid-Staat, te allen tijde onder de in lid 4 bedoelde voorwaarden verklaren dat er sprake is van strijdigheid.