Art. 8 Richtlijn 95/18/EG
1. Aan de eisen inzake beroepsbekwaamheid is voldaan indien
a) de vergunningaanvragende spoorwegonderneming beschikt of zal beschikken over een bestuurlijke organisatie en de nodige kennis en/of ervaring bezit om de operationele controle en het toezicht op de in de vergunning omschreven activiteiten veilig en betrouwbaar te kunnen uitoefenen;
b) de voor de veiligheid verantwoordelijke personeelsleden, meer bepaald de locomotiefbemanningen, volledig gekwalificeerd zijn op hun gebied;
c) het personeel, het rollend materieel en de organisatie van dien aard zijn dat de diensten op een hoog veiligheidsniveau kunnen worden verricht.
2. Voor de toepassing van lid 1 verstrekt de aanvrager van een vergunning ten minste de gegevens vermeld in deel II van de bijlage.
3. Naveling van de kwalificatie-eisen moet worden aangetoond door overlegging van desbetreffende bewijsstukken.