Art. 5 Richtlijn 95/18/EG

Richtlijn 95/18/EG

1. Een spoorwegonderneming moet, vóór het begin van haar activiteiten, ten aanzien van de vergunningverlenende autoriteiten van de betrokken Lid-Staat kunnen aantonen dat zij te allen tijde kan voldoen aan bepaalde, in de artikelen 6 tot en met 9 genoemde, eisen inzake goede naam, financiële draagkracht en beroepsbekwaamheid, alsmede dekking van haar wettelijke aansprakelijkheid.

2. Voor de toepassing van lid 1 verstrekt de onderneming die een vergunning aanvraagt alle relevante inlichtingen.