Art. 358 Verordening (EEG) nr. 2454/93
Elke Lid-Staat kan een of meer centrale instanties aanwijzen waaraan de bevoegde kantoren van de Lid-Staat van bestemming de documenten moeten terugzenden. De Lid-Staten die dergelijke instanties hebben aangewezen, delen dit aan de Commissie mede onder opgave van de soort documenten die worden teruggezonden. De Commissie geeft hiervan kennis aan de overige Lid-Staten.
Afdeling 2
Zekerheidstelling
Onderafdeling 1
Algemene bepalingen