Art. 355 Verordening (EEG) nr. 2454/93
1. Wanneer de verzegeling tijdens het vervoer buiten de wil van de vervoerder wordt verbroken, verzoekt deze zo spoedig mogelijk de douaneautoriteiten van de Lid-Staat waar het vervoermiddel zich bevindt een proces-verbaal van bevinding op te maken. De handelende douaneautoriteit brengt zo mogelijk een nieuwe verzegeling aan.
2. Wanneer de goederen ten gevolge van een ongeval op een ander vervoermiddel moeten worden overgeladen, is artikel 354 van toepassing.
3. Wanneer bij dreigend gevaar alle goederen of een deel ervan onmiddellijk moeten worden gelost, kan de vervoerder eigenmachtig maatregelen nemen. Hij maakt hiervan melding op het document T 1. Lid 1 is in dat geval van toepassing.
4. Wanneer de vervoerder, wegens een ongeval of ten gevolge van een ander voorval tijdens het vervoer, niet in staat is de in artikel 348 bedoelde termijn in acht te nemen, stelt hij de in lid 1 bedoelde douaneautoriteit hiervan zo spoedig mogelijk in kennis. Deze tekent een en ander aan op het document T 1.