Art. 233 Verordening (EEG) nr. 2454/93
Voor de toepassing van de artikelen 230 tot en met 232 kan de handeling die wordt aangemerkt als douaneaangifte bestaan uit:
a) wanneer de goederen bij een douanekantoor of op enige andere overeenkomstig artikel 38, lid 1, onder a), van het Wetboek aangewezen of goedgekeurde plaats worden aangebracht:
- het gebruik van het groene kanaal, "niets aan te geven", bij de douanekantoren waar een dubbel controlekanaal aanwezig is;
- het passeren van een douanekantoor waar geen dubbel controlekanaal aanwezig is, zonder aldaar uit eigen beweging douaneaangifte te doen;
- het aanbrengen van een schijf voor douaneaangifte of een zelfklevend vignet "Niets aan te geven" op de voorruit van personenwagens wanneer de nationale bepalingen in deze mogelijkheid voorzien;
b) wanneer de goederen niet bij de douane behoeven te worden aangebracht overeenkomstig de bepalingen die met toepassing van artikel 38, lid 4, van het Wetboek zijn vastgesteld, in geval van uitvoer overeenkomstig artikel 231 en in geval van wederuitvoer overeenkomstig artikel 232, lid 2: de enkele overschrijding van de grens van het douanegebied van de Gemeenschap.