Art. 232 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Wanneer zij niet uitdrukkelijk worden aangegeven, worden de hierna volgende goederen geacht voor tijdelijke invoer te zijn aangegeven door de handeling bedoeld in artikel 233 en overeenkomstig de artikelen 698 en 735:

a) de persoonlijke bezittingen en goederen die worden ingevoerd voor sportdoeleinden, zoals genoemd in artikel 684,

b) de vervoermiddelen genoemd in de artikelen 718 tot en met 725.

2. Wanneer zij niet uitdrukkelijk worden aangegeven, worden de in lid 1 bedoelde goederen geacht door de in artikel 233 bedoelde handeling te zijn aangegeven ten uitvoer ter aanzuivering van de regeling tijdelijke invoer.