Art. 236 Verordening (EEG) nr. 2454/93
Voor de toepassing van de afdelingen 1 en 2 wordt onder "reiziger" verstaan:
A. bij invoer:
1. een ieder die het douanegebied van de Gemeenschap, waar hij niet zijn normale verblijfplaats heeft, tijdelijk binnenkomt, alsmede
2. een ieder die naar het douanegebied van de Gemeenschap, waar hij zijn gewone verblijfplaats heeft, terugkeert na tijdelijk op het grondgebied van een derde land te hebben verbleven;
B. bij uitvoer:
1. een ieder die het douanegebied van de Gemeenschap, waar hij zijn normale verblijfplaats heeft, tijdelijk verlaat, alsmede
2. een ieder die het douanegebied van de Gemeenschap, waar hij niet zijn normale verblijfplaats heeft, na een tijdelijk verblijf verlaat.
Afdeling 4
Postverkeer