Art. 29 Verordening (EEG) nr. 2082/93, Comité van beheer voor de landbouwstructuur en de plattelandsontwikkeling en Permanent Comité van beheer voor de visserijstructuur
1. Op grond van artikel 17 van Verordening (EEG) nr. 2052/88 wordt bij de Commissie een Comité van beheer voor de landbouwstructuur en plattelandsontwikkeling opgericht dat is samengesteld uit vertegenwoordigers van de Lid-Staten en wordt voorgezeten door de vertegenwoordiger van de Commissie. De EIB wijst een vertegenwoordiger aan, die niet aan de stemming deelneemt.
De vertegenwoordiger van de Commissie legt het Comité een ontwerp van de te nemen maatregelen voor. Het Comité brengt over dit ontwerp advies uit binnen een termijn die de voorzitter naar gelang van de urgentie van de materie kan vaststellen. Het Comité spreekt zich uit met de meerderheid van stemmen die in artikel 148, lid 2, van het Verdrag is voorgeschreven voor de aanneming van de besluiten die de Raad op voorstel van de Commissie dient te nemen; bij stemming in het Comité worden de stemmen van de vertegenwoordigers van de Lid-Staten overeenkomstig genoemd artikel gewogen. De voorzitter neemt niet aan de stemming deel.
De Commissie stelt maatregelen vast die onmiddellijk van toepassing zijn. Indien deze maatregelen niet in overeenstemming zijn met het advies dat het Comité heeft uitgebracht, worden zij onverwijld door de Commissie ter kennis van de Raad gebracht. In dat geval kan de Commissie de toepassing van de maatregelen waartoe zij heeft besloten, voor ten hoogste één maand na deze kennisgeving uitstellen.
Binnen de in de derde alinea genoemde termijn kan de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen een andersluidend besluit nemen.
Het Comité brengt advies uit over de ontwerp-beschikking van de Commissie:
- met betrekking tot de gemeenschappelijke acties uit hoofde van doelstelling 5 a);
- met betrekking tot het opstellen van de lijst van zones die in aanmerking komen voor doelstelling 5 b) en de communautaire bestekken uit hoofde van die doelstelling.
Het Comité wordt bovendien geraadpleegd over acties inzake landbouwstructuur en plattelandsontwikkeling waarop de ontwerp-beschikkingen van de Commissie betreffende de communautaire bestekken voor de regio's van doelstelling 1 betrekking hebben.
Het in dit lid bedoelde Comité treedt in de plaats van het bij artikel 1 van de beschikking van de Raad van 4 december 1962 (1) ingestelde Permanent Comité voor de landbouwstructuur voor alle taken die aan laastgenoemd Comité zijn opgedragen bij die beschikking of bij artikel 6 van Verordening (EEG) nr. 729/70 van de Raad van 21 april 1970 betreffende de financiering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (2).
De adviezen van het Comité worden ter kennis gebracht van de in de artikelen 27 en 28 en in lid 2 bedoelde Comités.
Het Comité stelt zijn reglement van orde vast.
2. De bepalingen inzake de werking van het Permanent Comité van beheer voor de visserijstructuur worden vastgesteld overeenkomstig de op grond van artikel 3 bis, eerste alinea, van Verordening (EEG) nr. 2052/88 vastgestelde bepalingen.
(1) PB nr. 136 van 17. 12. 1962, blz. 2892/62.
(2) PB nr. L 94 van 28. 4. 1970, 13. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2048/88 (PB nr. L 185 van 15. 7. 1988, blz. 1).
Artikel 29
bis
Comité van beheer voor communautaire initiatieven
Op grond van artikel 17 van Verordening (EEG) nr. 2052/88 wordt bij de Commissie een Comité van beheer voor communautaire initiatieven opgericht, dat is samengesteld uit vertegenwoordigers van de Lid-Staten en wordt voorgezeten door de vertegenwoordiger van de Commissie. De EIB wijst een vertegenwoordiger aan, die niet aan de stemming deelneemt.
De vertegenwoordiger van de Commissie legt het Comité een ontwerp van de te nemen maatregelen voor. Het Comité brengt over dit ontwerp advies uit binnen een termijn die de voorzitter, naar gelang van de urgentie van de materie kan vaststellen. Het Comité spreekt zich uit met de meerderheid van stemmen die in artikel 148, lid 2, van het Verdrag is voorgeschreven voor de aanneming van de besluiten die de Raad op voorstel van de Commissie dient te nemen; bij stemming in het Comité worden de stemmen van de vertegenwoordigers van de Lid-Staten overeenkomstig genoemd artikel gewogen. De voorzitter neemt niet aan de stemming deel.
De Commissie stelt maatregelen vast die onmiddellijk van toepassing zijn. Indien deze maatregelen niet in overeenstemming zijn met het advies dat het Comité heeft uitgebracht, worden zij onverwijld door de Commissie ter kennis van de Raad gebracht. In dat geval kan de Commissie de toepassing van de maatregelen waartoe zij heeft besloten, voor ten hoogste één maand na deze kennisgeving uitstellen.
Binnen de in de derde alinea genoemde termijn kan de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen een andersluidend besluit nemen.
Het Comité brengt advies uit over de in artikel 11, lid 1, bedoelde voorstellen van de Commissie aan de Lid-Staten.
De adviezen van het Comité worden ter kennis gebracht van de in de artikelen 27 tot en met 29 bedoelde Comités.
Het Comité stelt zijn reglement van orde vast.