Art. 15 Richtlijn 93/22/EEG

Richtlijn 93/22/EEG

1. Onverminderd de uitoefening van de vrijheid van vestiging en van dienstverrichting als bedoeld in artikel 14, dragen de Lid-Staten van ontvangst er zorg voor dat beleggingsondernemingen die van de bevoegde autoriteiten van hun Lid-Staat van herkomst een vergunning hebben verkregen om diensten te verrichten als bedoeld in deel A, punten 1 b) en 2, van de bijlage, in de Lid-Staten van ontvangst rechtstreeks of middellijk lid kunnen worden van de gereglementeerde markten waar soortgelijke diensten worden verricht, dan wel rechtstreeks of middellijk toegang hebben tot die markten, alsmede toegang hebben tot de clearing- en afwikkelingsstelsels die de leden van de gereglementeerde markten ter beschikking staan, dan wel lid van die stelsels kunnen worden.

De Lid-Staten gaan over tot afschaffing van alle nationale voorschriften, wetten of statuten van gereglementeerde markten, die een beperking behelzen van het aantal personen dat daartoe toegang heeft. Indien de toegang tot een gereglementeerde markt vanwege de juridische structuur of de technische capaciteit van die markt beperkt is, zorgen de Lid-Staten ervoor dat die structuur en die capaciteit regelmatig worden aangepast.

2. Het lidmaatschap van een gereglementeerde markt of de toegang tot een dergelijke markt veronderstelt dat de beleggingsondernemingen de eisen inzake kapitaaltoereikendheid naleven, en dat de Lid-Staat van herkomst toezicht op die naleving houdt overeenkomstig Richtlijn 93/6/EEG.

De Lid-Staten van ontvangst zijn slechts gerechtigd aanvullende kapitaalvereisten voor te schrijven op punten die niet onder die richtlijn vallen.

Aan het verkrijgen of behouden van de toegang tot of het lidmaatschap van een gereglementeerde markt is de verplichting verbonden tot naleving van de voorschriften van die gereglementeerde markt als vervat in het oprichtingsstatuut en het bestuursreglement van die markt, alsmede tot naleving van de voorschriften inzake de activiteiten op die markt, van de beroepscode voor het personeel dat op die markt en in verbinding daarmee werkzaam is, en van de voorschriften en procedures van de clearing- en afwikkelingsstelsels. De toepassing van deze voorschriften en procedures kan waar dienstig worden aangepast, met name met het oog op een juiste afwikkeling van de daaruit voortvloeiende verplichtingen, waarbij evenwel gelet moet worden op de naleving van artikel 28.

3. Ten einde aan de in lid 1 omschreven verplichting te voldoen, moeten de Lid-Staten van ontvangst de in dat lid bedoelde beleggingsondernemingen de keuze bieden om lid te worden van hun reglementeerde markten of toegang te krijgen tot die markten:

- hetzij rechtstreeks, door in de Lid-Staat van ontvangst een bijkantoor te vestigen;

- hetzij middellijk, door in de Lid-Staat van ontvangst een dochteronderneming op te richten of door een in de Lid-Staat van ontvangst bestaande onderneming over te nemen die reeds lid van deze markten is of daartoe reeds toegang heeft.

De Lid-Staten die op de datum van aanneming van deze richtlijn een wetgeving toepassen op grond waarvan kredietinstellingen alleen via een gespecialiseerde dochteronderneming lid kunnen worden van een gereglementeerde markt of toegang kunnen krijgen tot een dergelijke markt, mogen die verplichting tot en met 31 december 1996 op niet-discriminerende wijze aan kredietinstellingen van herkomst uit andere Lid-Staten blijven opleggen voor het verkrijgen van toegang tot deze gereglementeerde markt.

Het Koninkrijk Spanje, de Helleense Republiek en de Portugese Republiek mogen deze periode verlengen tot 31 december 1999. Een jaar vóór deze datum brengt de Commissie, rekening houdend met de bij de toepassing van dit artikel opgedane ervaring, verslag uit en dient zij in voorkomend geval een voorstel in; de Raad kan op basis van dat voorstel met gekwalificeerde meerderheid van stemmen tot herziening van deze regeling besluiten.

4. Onder voorbehoud van het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 kunnen de in lid 1 bedoelde beleggingsondernemingen, als de werking van de gereglementeerde markt van de Lid-Staat van ontvangst hun fysieke aanwezigheid niet vergt, op dezelfde basis, maar zonder een vestiging in de Lid-Staat van ontvangst, het lidmaatschap van of de toegang tot die gereglementeerde markt verkrijgen. De Lid-Staten van herkomst staan de gereglementeerde markten van een Lid-Staat van ontvangst toe om op hun grondgebied de nodige faciliteiten te bieden, ten einde hun beleggingsondernemingen in staat te stellen om overeenkomstig dit lid toegelaten te worden tot een gereglementeerde markt van de Lid-Staat van ontvangst.

5. De bepalingen van dit artikel doen geen afbreuk aan de mogelijkheid voor de Lid-Staten om de oprichting van nieuwe markten op hun grondgebied toe te staan of te verbieden.

6. Dit artikel laat onverlet:

- in de Bondsrepubliek Duitsland de voorschriften inzake de activiteit van "Kursmakler";

- in Nederland de voorschriften inzake de activiteit van "hoekman".