Art. 8 Verordening (EEG) nr. 2913/92
1. Een voor de belanghebbende gunstige beschikking wordt met terugwerkende kracht ingetrokken indien deze werd genomen op grond van onjuiste of onvolledige gegevens en:
- de verzoeker van de onjuistheid of de onvolledigheid van die gegevens kennis droeg of redelijkerwijze kennis had moeten dragen, en
- de beschikking op grond van de juiste en volledige gegevens niet had kunnen worden genomen.
2. De intrekking met terugwerkende kracht van de beschikking wordt bekendgemaakt aan degene tot wie zij was gericht.
3. De intrekking met terugwerkende kracht geldt met ingang van de datum waarop de met terugwerkende kracht ingetrokken beschikking werd genomen.