Art. 11 Verordening (EEG) nr. 1766/92

Verordening (EEG) nr. 1766/92

1. Bij invoer van mout en van de in artikel 1, lid 1, onder d), bedoelde produkten, met uitzondering van de produkten van de GN-codes 0714 20 00, 0714 90 90, 2303 10 19, 2303 10 90, 2303 30 00, 2308 10 00 en 2308 90 30, wordt een heffing toegepast die uit twee elementen bestaat:

A. een variabel element, dat forfaitair kan worden vastgesteld en herzien, en

a) dat voor de verwerkte produkten, vervaardigd op basis van de in artikel 1, lid 1, onder a), genoemde basisprodukten, overeenkomt met het effect van de voor deze basisprodukten vastgestelde heffingen op de kostprijzen van deze verwerkte produkten;

b) dat voor de verwerkte produkten die zowel basisprodukten, genoemd in artikel 1, lid 1, onder a), als andere produkten bevatten, eventueel wordt verhoogd met het effect van de heffingen of douanerechten die op deze andere produkten worden toegepast op hun kostprijs;

c) dat voor de produkten die geen basisprodukten, genoemd in artikel 1, lid 1, onder a), bevatten, wordt vastgesteld, rekening houdend met de marktomstandigheden voor de in artikel 1 bedoelde produkten die daarmede concurreren.

B. een vast element, vastgesteld met inachtneming van de noodzaak de verwerkende industrie te beschermen.

2. Ingeval de feitelijke aanbiedingen uit derde landen voor de in artikel 1, lid 1, onder d), bedoelde produkten niet overeenstemmen met de prijs die voortvloeit uit de met de verwerkingskosten verhoogde prijs van de daarin verwerkte basisprodukten, mag aan de overeenkomstig lid 1 vastgestelde heffing een aanvullend bedrag worden toegevoegd, dat volgens de procedure van artikel 23 wordt vastgesteld.

3. De Commissie stelt de in lid 1 bedoelde heffingen vast.

4. De bepalingen ter uitvoering van dit artikel worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 23.