Art. 10 Verordening (EEG) nr. 1766/92

Verordening (EEG) nr. 1766/92

1. Bij de invoer van in artikel 1, lid 1, onder a), b) en c), genoemde produkten, behalve mout, wordt een heffing toegepast, die voor elk produkt gelijk is aan de drempelprijs verminderd met de c.i.f.-prijs.

Bij de invoer van produkten van de GN-code 1008 90 10 wordt evenwel de voor rogge geldende heffing toegepast.

2. De c.i.f.-prijzen worden berekend voor Rotterdam op basis van de gunstigste aankoopmogelijkheden op de wereldmarkt, die voor elk produkt worden vastgesteld op basis van de noteringen of de prijzen van deze markt, aangepast uitgaande van de eventuele kwaliteitsverschillen ten opzichte van de standaardkwaliteit waarvoor de drempelprijs wordt vastgesteld.

De kwaliteitsverschillen worden uitgedrukt in gelijkwaardigheidscoëfficiënten.

3. Indien de vrije prijsnoteringen op de wereldmarkt niet bepalend zijn voor de aanbiedingsprijs en indien deze prijs lager is dan de prijsnoteringen op de wereldmarkt, dan wordt de c.i.f.-prijs uitsluitend voor de betrokken invoer vervangen door een speciale c.i.f.-prijs, die berekend wordt aan de hand van de aanbiedingsprijs.

4. De bepalingen voor de toepassing van dit artikel, en met name de gelijkwaardigheidscoëfficiënten, de voorschriften voor het bepalen van de c.i.f.-prijzen en de marge waarbinnen de veranderingen van de berekeningselementen van de heffing geen wijziging van de heffing meebrengen, worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 23.

5. De Commissie stelt de in dit artikel bedoelde heffingen vast.

Uitspraken die dit artikel aanhalen