Art. 3
1. Met inachtneming van de in artikel 2 genoemde eisen nemen de Lid-Staten alle nodige maatregelen om voor alle in artikel 1 bedoelde vogelsoorten een voldoende gevarieerdheid van leefgebieden en een voldoende omvang ervan te beschermen , in stand te houden of te herstellen .
2. Voor de bescherming , de instandhouding en het herstel van biotopen en leefgebieden worden in de eerste plaats de volgende maatregelen getroffen : a ) instelling van beschermingszones ;
b) onderhoud en ruimtelijke ordening overeenkomstig de ecologische eisen van leefgebieden binnen en buiten de beschermingszones ;
c) herstel of weer aanleggen van vernietigde biotopen ;
d) aanleg van biotopen .
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 11 april 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW1593
- ABRvS 27 december 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY7377
- ABRvS 27 december 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY7376
- ABRvS 1 juni 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BQ6848
- ABRvS 10 november 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BO3462
- ABRvS 10 november 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BO3461
- Rb. Zutphen 6 november 2008, ECLI:NL:RBZUT:2008:BG6939