Art. 33 Verordening (EEG) nr. 222/77
1. Wanneer de zekerheid per aangifte voor communautair douanevervoer wordt gesteld , geschiedt dit op het kantoor van vertrek .
2. Deze zekenheid kan in geld worden gesteld . In dit geval wordt het bedrag van de zekerheid vastgesteld door de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staten en moet zij op elk kantoor van doorgang als bedoeld in artikel 11 , sub d ) , eerste streepje , worden hernieuwd .