Art. 11 Verordening (EEG) nr. 1191/69
1. Het bedrag van de in artikel 6 en in artikel 9 , lid 1 , bedoelde compensatie is , wanneer het een tariefplicht betreft , gelijk aan het verschil tussen twee termen :
a) De eerste term is gelijk aan het verschil tussen , enerzijds , het produkt van het aantal verwachte vervoereenheden , en
_ hetzij het gunstigste tarief waarop de gebruikers aanspraak zouden kunnen maken indien de betrokken plicht niet bestond ,
_ hetzij , bij gebreke van een dergelijk tarief , de prijs die de onderneming zou hebben toegepast in het kader van een commerciële bedrijfsvoering waarbij rekening wordt gehouden met de kosten van de betrokken activiteit en met de marktpositie
en , anderzijds , het produkt van het aantal werkelijke vervoereenheden en het opgelegde tarief tijdens de betrokken periode .
b) De tweede term is gelijk aan het verschil tussen de kosten die zouden voortvloeien uit de toepassing , hetzij van het gunstigste tarief , hetzij van de prijs die de onderneming zou hebben toegepast in het kader van een commerciële bedrijfsvoering , en de kosten die voortvloeien uit de toepassing van het opgelegde tarief .
2. Wanneer de overeenkomstig lid 1 berekende compensatie wegens de toestand op de markt het niet mogelijk maakt de totale kosten van het aan de betrokken tariefplicht onderworpen vervoer te dekken , is het bedrag van de in artikel 9 , lid 1 , bedoelde compensatie gelijk aan het verschil tussen deze kosten en de ontvangsten uit dit vervoer . Bij deze berekening wordt rekening gehouden met de eventueel reeds op grond van artikel 10 gegeven compensaties .
3. Bij het bepalen van de in lid 1 bedoelde lasten en ontvangsten wordt rekening gehouden met de gevolgen van het opheffen der betrokken verplichting voor de gehele activiteit van de onderneming .