Conclusie A-G Paridaens 26 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:668
Conclusie plv. AG. 1. Medeplegen verbergen en wegvoeren van een lijk, art. 151 Sr. 2. Het opzettelijk verhandelen van geneesmiddelen waarvoor geen handelsvergunning geldt, art. 40.2 Geneesmiddelenwet. Ad 1. Onder meer middelen m.b.t. de vraag of sprake is van het ‘verbergen’ van een lijk, het ‘oogmerk’ van de verdachte, de verwerping van een alternatief scenario, de uitleg van het begrip ‘verhelen’ en voortgezette handeling. Ad 2. Middel m.b.t. het opzet t.a.v. het in voorraad hebben en verkopen van geneesmiddelen waarvoor geen handelsvergunning geldt. De plv. AG stelt zich op het standpunt dat het beroep in cassatie dient te worden verworpen.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 29 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:782
- HR 13 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:321
- HR 30 januari 2018, ECLI:NL:HR:2018:112
- HR 20 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1112
- HR 8 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:851
- HR 27 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU8791
- HR 28 februari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BR2841
- HR 17 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BT6553
- HR 13 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM0256
- HR 22 april 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC6731
- HR 25 september 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7257
- HR 19 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA2104
- HR 24 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ8783
- HR 22 juni 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO8315
- HR 14 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AJ1420
- HR 30 juni 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZC8329