Hof Amsterdam 18 april 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:1504
Een groep investeerders heeft via buitenlandse hybride vennootschappen en daartoe opgerichte Nederlandse lichamen een onderneming gekocht. De winst van de gekochte onderneming is door middel van een hybride lening aan de hybride vennootschappen met ca. € 27 mln rente verminderd. Het Hof acht de rente niet aftrekbaar op grond van fraus legis. Daarnaast is een bonus voor het management van de gekochte onderneming ten onrechte bij belanghebbende in aftrek gebracht.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 8 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1350
- HR 5 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1460
- HR 7 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:181
- HR 25 november 2011, ECLI:NL:HR:2011:BN3442
- HR 8 september 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV2327
- HR 25 november 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT5958
- HR 20 mei 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT5898
- HR 17 december 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP6652
- HR 14 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AB2865
- HR 21 februari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0155
- HR 25 juli 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6600
- HR 17 februari 1999, ECLI:NL:HR:1999:AA2655
- HR 11 maart 1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2453
- HR 13 november 1991, ECLI:NL:HR:1991:ZC4783
- HR 27 januari 1988, ECLI:NL:HR:1988:ZC3744
- HR 5 juni 1957, ECLI:NL:HR:1957:AY1891
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2015:524
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2015:661
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2017:807
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2018:110