CRvB 6 augustus 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:2685
Afwijzing verzoek om bevordering met terugwerkende kracht naar de rang van luitenant-kolonel. Doorlopende aanspraak. Periode voorafgaand aan het verzoek: geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden. Periode na indiening verzoek: aan appellant is nimmer een functie toegewezen waaraan een hogere rang is verbonden dan de rang van majoor. In zoverre biedt artikel 24, vierde lid, van het Algemeen militair ambtenarenreglement (AMAR) geen ruimte voor de door appellant gewenste bevordering. Geen toezeggingen gedaan. Aan appellant is bij het nadere besluit een waarnemingstoelage toegekend over de periode van 1 oktober 2008 tot 1 februari 2012, terwijl uit de gedingstukken voldoende blijkt dat appellant met instemming van de minister die werkzaamheden van functie 1 reeds vanaf 1 augustus 2008 verrichtte. Vernietiging nadere besluit. De Raad voorziet zelf in de zaak door over de periode van 1 augustus 2008 tot 1 oktober 2008 alsnog een waarnemingstoelage toe te kennen.
De uitspraak op rechtspraak.nl