Art. 24b AMAR, Bevorderingen tijdens opleiding en in verband met ervaringsopbouw
Algemeen militair ambtenarenreglement (AMAR)
1. De militair kan tijdens een initiële opleiding door Onze Minister worden bevorderd wegens het afsluiten van de opleiding of een gedeelte daarvan.
2. Onze Minister kan aan de militair tijdens een opleiding een titulaire rang of een rang tijdelijk toekennen.
3. De militair, ingedeeld bij de Koninklijke landmacht, de Koninklijke luchtmacht of de Koninklijke marechaussee wordt in verband met opgedane ervaring of de gevolgde opleiding bevorderd tot:
a. eerste luitenant wanneer hij de effectieve rang van tweede luitenant gedurende twee jaren heeft bekleed;
b. sergeant/wachtmeester der eerste klasse wanneer hij de effectieve rang van sergeant/wachtmeester gedurende vier jaren heeft bekleed;
c. korporaal/marechaussee der eerste klasse wanneer hij de effectieve rang van korporaal dan wel marechaussee der tweede klasse gedurende twee jaren heeft bekleed;
d. soldaat der eerste klasse wanneer hij de effectieve stand van soldaat der tweede klasse gedurende één jaar heeft bekleed en zijn initiële opleiding met goed gevolg heeft afgerond dan wel zijn initiële opleiding niet heeft kunnen afronden in verband met een niet voor zijn rekening of risico komende omstandigheid;
e. marechaussee der tweede klasse wanneer hij zijn initiële opleiding met goed gevolg heeft afgerond.
4. De militair voldoet aan de in het derde lid genoemde ervaringseis indien de militair gedurende de in dat lid genoemde en voor zijn aanstellingscategorie en functieniveau geldende periode op voldoende wijze heeft gefunctioneerd. Daarbij wordt rekening gehouden met de bekwaamheid en geschiktheid, als bedoeld in artikel 20, derde lid. De duur van de genoemde periode kan in geval van onvoldoende functioneren worden verlengd met ten hoogste een jaar.
5. De militair, ingedeeld bij de Koninklijke marine, wordt in verband met opgedane ervaring bevorderd tot korporaal wanneer hij is aangewezen voor een loopbaanopleiding tot onderofficier en deze met goed gevolg heeft afgerond.
6. De militair, ingedeeld bij de Koninklijke marine, die is aangewezen voor een loopbaanopleiding tot officier wordt bevorderd tot:
a. tijdelijk luitenant ter zee der 3e klasse/tweede luitenant wanneer hij het theoretische deel van die functie- of loopbaanopleiding met goed gevolg heeft afgerond;
b. luitenant ter zee der 2e klasse/eerste luitenant wanneer hij de gehele functie- of loopbaanopleiding met goed gevolg heeft afgerond.
7. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld voor bevordering tijdens of aansluitend op een opleiding dan wel op grond van ervaringsopbouw.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CRvB 27 januari 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:226
- Rb. Den Haag 6 november 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:11104
- CRvB 27 januari 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:225
- CRvB 20 januari 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:144
- CRvB 6 augustus 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:2685
- CRvB 15 juni 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2137
- Rb. Den Haag 10 maart 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:3381
- Rb. Den Haag 13 mei 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:4272
- Rb. Den Haag 4 april 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:3850
- CRvB 11 januari 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:41
- CRvB 28 januari 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:165