CRvB 23 maart 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BV9859
Tussenuitspraak. Toekenning WW-uitkering. Dagloon. Vorderbaar, maar niet tevens inbaar. Appellant heeft aangetoond dat de dertiende maand in het refertejaar vorderbaar was. Ook is door appellant onmiskenbaar aangetoond dat de werkgever in het refertejaar niet tot betaling wilde overgaan. Daarmee is voldaan aan artikel 2, vierde lid, eerste volzin, van het Besluit dagloonregels werknemersverzekeringen. Hieruit volgt dat het Uwv bij de berekening van het WW-dagloon de dertiende maand had moeten betrekken. Het Uwv krijgt de opdracht een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van hetgeen de Raad heeft overwogen.
De uitspraak op rechtspraak.nl